Hervestiging van vluchtelingen uit Libië


Geïnspireerd door de eerdere revoluties van de Arabische lente braken in februari 2011 ook in Libië protesten uit tegen het regime. Deze opstand escaleerde vrij snel in een gewelddadig conflict waarbij een massale exodus op gang kwam, voornamelijk naar de buurlanden Tunesië en Egypte. Zo waren eind juni 2011 al meer dan 540.000 mensen de grens met Tunesië overgestoken. Egypte kende sinds het begin van het conflict in februari 2011 een toevloed van ongeveer 356.000 personen. De groep vluchtelingen bestond voor het grootste deel uit arbeidsmigranten voornamelijk afkomstig uit Egypte en Tunesië zelf. Maar onder hen bevonden zich ook migranten afkomstig uit andere landen (zoals Pakistan, Bangladesh, …). Van deze laatste groep werd de overgrote meerderheid naar hun land van herkomst gerepatrieerd. Dit gebeurde met de hulp van het Hoog Commissariaat voor de Vluchtelingen van de VN (UNHCR) en de Internationale Organisatie voor Migratie (IOM).

Onder de vluchtelingenstroom uit Libië bevond zich echter ook een belangrijke groep sub-Sahara Afrikanen, voornamelijk uit Somalië, Eritrea, Soedan en Ethiopië. In het grootste kamp in Tunesië, het Shousha kamp aan de grensovergang met Libië, bestond deze groep eind juni 2011 uit iets minder dan 4.000 personen. Het zijn voornamelijk door UNHCR erkende vluchtelingen of asielzoekers die niet naar hun land van herkomst kunnen terugkeren.

Als reactie op deze vluchtelingenstroom heeft UNHCR een wereldwijde oproep gedaan voor hervestiging
De Europese Unie (EU) heeft initiatief genomen om deze oproep op Europees niveau te promoten.
Naar aanleiding hiervan heeft de Belgische regering besloten om 25 vluchtelingen te hervestigen naar ons land. Ze zijn op 15 juli aangekomen.

Meer info op www.hervestiging.beExterne link